Informatie over het proces van het opstellen van een gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer Zuid.

Een robuuste ontsluiting voor het Veerse Meer Zuid gebied

Voor de ontwikkeling van het nieuwe Waterpark Veerse Meer is een verkeersonderzoek uitgevoerd om de effecten in kaart te brengen van de huidige situatie en de toekomstige ontwikkeling van het verkeer in het gebied ten zuiden van het Veerse Meer. Uit deze studie is gebleken dat er binnen het gebied en met name in de kernen van Wolphaartsdijk en Arnemuiden reeds in de huidige situatie verkeersknelpunten bestaan en dat deze door autonome groei van het verkeer zullen toenemen. Ook op gebied van spoorveiligheid zijn er verkeersveiligheidsknelpunten gesignaleerd op de bestaande overwegen in Arnemuiden en Lewedorp.

Uit dit onderzoek is gebleken dat het probleemoplossend vermogen van de huidige verkeersstructuur in het plangebied te beperkt is om de knelpunten op te kunnen lossen. De sterke autonome groei is naast de groei van het autobezit en autogebruik vooral het gevolg van de diverse reeds vastgestelde (veelal recreatieve) ontwikkelingen aan de zuidzijde van het Veerse Meer in zowel de gemeenten Goes als Middelburg.

De Provincie Zeeland, het Waterschap Scheldestromen en de gemeenten Goes, Borsele en Middelburg hebben besloten tot een gezamenlijke aanpak voor het opstellen van een gebiedsontsluitingsvisie. Rijkswaterstaat en ProRail zijn in deze studie nauw betrokken.

In de gezamenlijke gebiedsgerichte aanpak wordt een structuurplan opgesteld voor een robuuste gebiedsontsluiting voor het Veerse Meer-zuid gebied.

De 1e fase van het onderzoek moet resulteren in een aantal varianten voor een toekomstbestendige oplossing voor de huidige en toekomstige verkeersproblemen in de kernen van Arnemuiden, Lewedorp en Wolphaartsdijk en op de wegen van het Waterschap en een toekomstbestendige ontsluiting van reeds geplande en verwachte ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied Veerse Meer Zuid. Deze varianten worden in de 2e fase nader uitgewerkt waarbij de consequenties op het gebied van verkeerskundige-, landschappelijke- en financiële consequenties inzichtelijk worden gemaakt.

Fase 1

Op donderdag 18 juni 2020 van 19.30 - 21.00 uur organiseerden de gezamenlijke wegbeheerders - de gemeenten Middelburg, Borsele en Goes, het waterschap Scheldestromen en de provincie Zeeland een digitale informatiebijeenkomst. Hierin werd een toelichting gegeven over de stand van zaken met betrekking tot mogelijke varianten voor een toekomstige robuuste verkeersstructuur voor het Veerse Meer gebied en het vervolg van het verdere ontwerpproces. De digitale bijeenkomst werd geleid door het adviesbureau TRIDÉE.

Op donderdag 25 februari 2021 van 19.30 - 21.00 uur werd een tweede bijeenkomst georganiseerd. Hierin werden de voorkeursoplossing voor Wolphaartsdijk en drie mogelijke oplossingen voor Arnemuiden gepresenteerd. ook deze bijeenkomst werd geleid door adviesbureau TRIDÉE.

TRIDÉE is een onafhankelijk adviesbureau dat is ingeschakeld om de gezamenlijke wegbeheerders te ondersteunen bij het opstellen van een ontsluitingsvisie voor het gebied Veerse Meer Zuid. Voor het beoordelen van mogelijke varianten is ook verkeerskundig adviesbureau Goudappel Coffeng opnieuw aan boord gehaald.

Fase 2

In fase 2 wordt een uitvoeringsplan opgesteld met korte en lange termijn maatregelen voor de verkeersknelpunten en leefbaarheid in het plangebied. Voor deze fase worden drie klankbordgroepen samengesteld: een voor Arnemuiden, een voor Lewedorp/’s-Heer Arendkerke en een voor Wolphaartsdijk.

Reageren of vragen stellen

We willen natuurlijk iedereen zoveel mogelijk over dit project informeren en de mogelijkheid bieden om te reageren en vragen te stellen. De presentaties van beide bijeenkomsten en de tijdens de eerste digitale bijeenkomst gestelde vragen met antwoorden zijn daarom voor iedereen te raadplegen via de links op deze pagina. Binnenkort leest u op onze website ook de gestelde vragen en antwoorden van de tweede bijeenkomst.

Heeft u naar aanleiding hiervan nog vragen dan kunt u hiervoor een  e-mail sturen naar info@middelburg.nl (onder vermelding van Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid).

Vragen en antwoorden digitale informatiebijeenkomst 18 juni 2020

Antwoorden op gestelde vragen tijdens de digitale informatiebijeenkomst op 18 juni 2020 over de Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid.

Vraag: ​De afgelopen weken is de activiteit op Muidenweg meer dan verdubbeld. Als dit de toekomst is dan zijn er problemen..

Antwoord: Een toename van het recreatieve verkeer op de  Muidenweg is te verklaren door het mooie weer in het voorjaar en doordat veel mensen als gevolg van de Corona-crisis niet konden werken.

Vraag: Het deel ten noorden van de Nieuwe Kraaijertsedijk ligt in de gemeente Goes. Dat zie ik niet vermeld. Kan dat naast Borssele?

Antwoord: Ja, als het gaat over de Nieuwe Kraaijertsedijk dan betreft het zowel het zuidelijk gedeelte vanaf de Postweg tot de A58 in de gemeente Borsele als ook het gedeelte ten noorden vanaf de A58  in de  gemeente Goes.

Vraag: Nu wordt ingezoomd op ontwikkeling Driestar. Maar wat is impact van Haven Wolphaartsdijk, Zuidvlietpolder, Veerse Kreek, Veerse Meer en Kruitmolen?

Antwoord: In deze gebiedsontsluitingsvisie studie wordt niet alleen het Waterpark Veerse Meer meegenomen  maar worden alle lopende en geplande ontwikkelingen in het Veerse Meer zuid gebied meegenomen. De gebiedsontsluitingsvisie sluit hiermee aan op de Gebiedsvisie Veerse Meer

Vraag: Waarom staat het gewenste aantal Waterpark Veerse Meer op 0?

Antwoord: Omdat verderop in de tabel de doorontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer (Driestar) apart is vermeld.

Vraag: Is gemeente Goes betrokken als gesprekspartner bij het zoeken naar langdurige oplossingen?

Antwoord: Ja, de studie voor het opstellen van een Gebiedsontsluitingsvisie voor  het Veerse Meer zuid gebied is een initiatief van de Provincie Zeeland, Het Waterschap Scheldestromen, De gemeenten Goes, Borsele en Middelburg. Rijkswaterstaat en ProRail zijn betrokken in dit project.

Vraag: Scholieren die vanuit het oude dorp Arnemuiden komen moeten 2x de van Cittersweg oversteken en uit Brakenburg / Hazenburg 1x. Dit is nu 2x per schooldag, wordt het fietspad dan ook zodanig verlegd dat het aantal keren oversteken tot een minimum beperkt wordt.

Antwoord: In de gebiedsontsluitingsvisie zal ook de verkeersveiligheid voor het fietsverkeer integraal worden meegenomen. Daarnaast is het gewenst om het vrijliggende fietspad langs de Van Cittersweg ook buiten de bebouwde kom door te trekken tot de Derringmoerweg.

Vraag: Is er ook een variant mogelijk met alleen 60 km-wegen.

Antwoord: De wegencategorisering  en de daarbij behorende snelheidsregimes maken onderdeel uit van de structuurvisie.

Vraag: Er ligt een fietspad vanaf Deltaweg naar Muidenweg. Moet er bij Kwistenburg, langs Aardebolleweg dan een nieuw fietspad komen?

Antwoord: Het klopt dat er al een fietspad ligt, langs het Veerse Meer, maar voor fietsers van en naar Wilhelminadorp of Goes is dit een omweg. Gelet op de toename van het verkeer op de Langeweg (Roodewijk), Kwistenburg en de Aardebolleweg is een fietspad langs deze route noodzakelijk.

Vraag: Hoe is het draagvlak voor de knip getoetst?

Antwoord: Het draagvlak onder bewoners is niet getoetst. Wel zijn in de dialoogsessies bedenkingen geuit  tegen deze variant. Het draagvlak waarin in de presentatie op gedoeld wordt, betreft het Verkeerskundig/Stedenbouwkundig draagvlak. Arnemuiden wordt door het spoor letterlijk in tweeën gedeeld  en slechts op twee punten, de Doeleweg en de Van Cittersweg, is uitwisseling mogelijk. Voor de  voorzieningen die aan weerszijden van het spoor liggen, is het voor de bereikbaarheid van deze voorzieningen en de leefbaarheid in het dorp  essentieel dat die verbindingen in stand worden gehouden. Bovendien, als er een wordt weggehaald, leidt dit tot een ontoelaatbare toename van het verkeer op de andere spoorwegkruising.

Vraag: Als de vaststellingen in het huidige bestemmingsplan, zoals Louwerse in het begin al aangaf, dat de verkeers- en geluidsintensiteit niet noemenswaardig toenemen en in het nieuwe plan worden overgenomen, dan zijn dat toch escapes om het creëren van een robuuste ontsluiting eventueel achterwege te laten? Maar dat relatief klein plusje van Driestar, kan wel eens een grote escape worden om niks te doen.

Antwoord: Uit het verkeersonderzoek van Goudappel Coffeng is aangetoond dat er in de huidige situatie al verkeersproblemen zijn in Arnemuiden en Wolphaartsdijk. Uitgelegd is dat de verkeersintensiteiten door autonome groei en reeds toegestane ruimtelijke ontwikkelingen nog verder zullen groeien. Zowel in de huidige situatie als in de toekomst is er ook zonder de toename als gevolg van extra ontwikkelingen dus al sprake van substantiële overschrijdingen van de grenswaarden. Daarom zijn er dus sowieso al aanvullende maatregelen nodig.

Vraag: Waarom niet een variant die zowel west en oost van Arnemuiden een aansluiting heeft op de A58, dan ben je er toch, het kost alleen wat.

Antwoord: Uit het verkeersonderzoek is gebleken dat een rondweg zowel aan de oost- als aan de westzijde van Arnemuiden te weinig effect oplevert, zolang de huidige verbinding via het Schuttershof en de  Nieuwlandseweg naar de A58 in stand blijft. Alleen met drastische aanvullende maatregelen zoals het afsluiten  van de spoorwegovergang Van Cittersweg voor gemotoriseerd verkeer kan er een afname van de verkeersintensiteit bereikt worden. Dit gaat echter ten koste van toegankelijkheid van voorzieningen en de leefbaarheid in Arnemuiden. Bovendien hebben deze varianten geen enkel effect op de verkeersproblemen in Lewedorp waardoor ook hier ingrijpende maatregel noodzakelijk blijven.

Vraag: Zowel bij  variant x als variant 2 gaan jullie er vanuit dat Arnemuiden zuid via de Langeweg gaat rijden via de noord ontsluiting is dan korter en dus de voorkeur hebben. Kan de nu al te kleine spoorwegovergang dit aan?

Antwoord: De problematiek van de krappe spoorwegovergang is ons bekend. Dit wordt in deze studie ook nadrukkelijk meegenomen. In dit kader wordt er in samenhang met de gebiedsontsluitingsvarianten een risicoanalyse uitgevoerd naar verkeersveiligheid op de spoorwegovergangen.

Vraag: Als de Deltaweg niet verdubbeld wordt en er komt een nieuwe aansluiting op de A58 wordt de Muidenweg dan niet nog meer de verbindingsroute tussen Zeeland-Noord en Middelburg?

Antwoord: In de gebiedsontsluitingsvisie wordt voorgesteld om de Muidenweg af te waarderen  van gebiedsontsluitingsweg (80 km/u) naar erftoegangsweg I (60 km/u). Hierdoor is de weg niet meer aantrekkelijk als alternatieve route voor de A58.

Vraag: Is in variant X (=A3) ook de toename van het verkeer van Arnemuiden naar Middelburg via de B-wegen?

Antwoord: Nee, de variant met een volledige aansluiting op de A58 levert een afname van de verkeersintensiteit op de Oranjepolderseweg, Derringmoerweg en de Van Cittersweg buiten de bebouwde kom.

Vraag: Wordt bij variant X (=A3) rekening gehouden met extra verkeer vanuit en naar Arnemuiden via de Doeleweg naar en van Middelburg, via Nieuw en St. Joosland naar en van Vlissingen en naar en van Vlissingen-Oost?

Antwoord: De verschuiving van de volledige aansluiting op de A58 bij Arnemuiden heeft geen significante gevolgen voor de verkeerstromen van en naar Nieuw en St. Joosland. Op de Doeleweg geeft het verkeersmodel een afname van verkeersintensiteit aan.

Vraag: Ik denk dat het goed is om alle scenario's met de huidige Corona-situatie nog eens door te rekenen. De dagrecreatie ligt weer op het niveau van de jaren '80.

Antwoord: De werkelijke effecten  van de coronacrisis zullen pas op lange termijn duidelijk worden. Nu rekenen met de huidige verkeersintensiteiten is niet representatief en nog volop aan verandering onderhevig. Zoals gebruikelijk (met en zonder corona) blijven we de ontwikkelingen op  verkeersgebied monitoren.

Vraag: In hoeverre blijven de trajecten van het realiseren van het park en de ontsluitingskeuze parallel aan elkaar lopen?

Antwoord: Zoals in de presentatie wordt uitgelegd, moet er sowieso een oplossing komen voor de verkeersproblemen in het gebied. Dit staat los van het tempo waarin het Waterpark wordt gerealiseerd. In het vervolg van de studie wordt bekeken welke maatregelen er al op korte termijn getroffen kunnen worden om al snel in enige mate soelaas te bieden.

Vraag: Op welke wijze zijn de routes ook van de navigatiesystemen opgenomen?

Antwoord: Alle wijziging ten aanzien van de infrastructuur en de maatregelen ten aanzien van snelheid en categoriebeperkingen worden in de navigatiesystemen opgenomen. Het regelmatig updaten van de systemen door de gebruikers is natuurlijk wel van belang.

Vraag: Wat je ziet is dat er inderdaad meer mensen met auto naar de dagrecreatieterreinen van het Veerse Meer komen.

Antwoord: Met de toename van verkeer naar de huidige voorzieningen wordt rekening gehouden door ophoging met de autonome groei van het verkeer.

Vraag: Kan het plaatje van variant X verspreid worden?

Antwoord: De tekeningen zijn terug te vinden in de presentatie informatiebijeenkomst Veerse Meer Zuid op 18 juni 2020 op deze website.

Vraag: De varianten laten geen seizoensinvloed zien terwijl in de huidige situatie grote verschillen zijn bijv. 1400/2400. Betekent dat dan dat bijv sec 2a +2b een resultaat zou hebben van 5300/10000??

Antwoord: Met de seizoenvloeden op de verkeersintensiteiten zal rekening worden gehouden. De capaciteit van de weginfrastructuur zal worden getoetst op basis van de zomerseizoenintensiteiten.

Vraag: De ontwikkeling van Driestar gaat ook voor werkverkeer zorgen. Hoe moet dat afgehandeld gaan worden?

Antwoord: Het bouwverkeer betreft een tijdelijke situatie (ca. 2 jaar) Hiernaar wordt een aparte studie gedaan die specifiek gericht is op routing, maatregelen en voorwaarden die moeten zorgen voor een verkeersveilige afwikkeling van het bouwverkeer.