Uitwerkingsplan Mortiere fase 9D

Het vastgestelde uitwerkingsplan ligt vanaf 12 december 2019 gedurende zes weken (tot en met 22 januari 2020) ter inzage.

Burgemeester en wethouders van Middelburg maken op grond van het bepaalde in artikel 3.9a van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 3:42 van de Algemene Wet Bestuursrecht, bekend dat zij bij besluit van 31 juli 2018 het uitwerkingsplan ‘Mortiere fase 9D’ hebben vastgesteld.

Het plangebied betreft een gedeelte van de wijk Mortiere. De locatie is gelegen nabij de Penitentiaire Inrichting Torentijd en de Torenweg. Het doel van dit uitwerkingsplan is het scheppen van een planologisch – juridisch kader voor de realisatie van maximaal 72 grondgebonden woningen.

Ter inzage

Genoemd besluit en het vastgestelde uitwerkingsplan liggen vanaf 12 december 2019 gedurende zes weken (tot en met 22 januari 2020) voor een ieder ter inzage bij de vakbalie in het stadskantoor. Het besluit en het uitwerkingsplan zijn tevens digitaal in te zien via de landelijke website ruimtelijkeplannen.nl.

Gedurende de genoemde termijn kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Beroep kan alleen worden ingesteld door de belanghebbende die omtrent het ontwerpuitwerkingsplan tijdig zijn zienswijze kenbaar heeft gemaakt, alsmede de belanghebbende die aantoont dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest om zijn zienswijze bij het college kenbaar te maken. Tegen de wijzigingen die bij vaststelling in het uitwerkingsplan zijn aangebracht, kan door alle belanghebbenden beroep worden aangetekend.

Op dit besluit is de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat de belanghebbende in het beroepschrift moet aangeven welke beroepsgronden hij aanvoert tegen het besluit. Na afloop van de hiervoor genoemde termijn van 6 weken kunnen geen nieuwe beroepsgronden meer worden aangevoerd.

Het uitwerkingsplan treedt in werking daags na afloop van de hiervoor genoemde beroepstermijn tenzij bij de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een verzoek om voorlopige voorziening, zoals bedoeld in artikel 8.4 van de Wet ruimtelijke ordening, is gedaan. Als een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, treedt het uitwerkingsplan pas in werking nadat op het verzoek is beslist.