Planschade

Op deze pagina leest u wat planschade is, wanneer het ingediend kan worden en hoe deze procedure verloopt.

Wat is planschade?

Een tegemoetkoming in schade (planschade) is een vergoeding voor schade die u lijdt door verandering van planologische maatregelen. De planologische situatie in uw omgeving kan zo veranderen, dat u hierdoor benadeeld wordt. Zo kan bijvoorbeeld de waarde van uw woning of uw bouwwerk verminderen, doordat een nieuw bestemmingsplan wordt vastgesteld of doordat ontheffing verleend wordt.

Planschade kan bestaan uit onder meer waardevermindering van onroerend goed (vermogensschade) of uit een omzetdaling van een bedrijf (inkomensschade). Artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening geeft aan wanneer planschade geclaimd kan worden.

Verder regelt deze wet dat de schade vallende binnen het normaal maatschappelijk risico, niet wordt uitgekeerd, of dat dit bedrag in mindering wordt gebracht op de uit te keren planschadevergoeding. Het gaat hierbij om alle schade onder de 2% van de waarde van bijvoorbeeld uw woning. Echter kan dit percentage in bepaalde situaties worden verhoogd naar bijvoorbeeld 5%. Een eventuele verhoging van het normaal maatschappelijk risico is mede afhankelijk van de locatie van uw woning evenals of de bouwplannen passen in de structuur van de omgeving en passen binnen het door de gemeente gevoerde beleid.

Daarnaast is van belang dat, op het moment waarop u de grond of het gebouw kocht, nog niets bekend was van de bouwplannen. Oftewel de bouwplannen mogen niet “voorzienbaar” zijn geweest. Tot slot is belangrijk of de schade niet op een andere manier verzekerd is. Dat kan zijn doordat u bijvoorbeeld korting op de koopprijs hebt gekregen, of bijvoorbeeld een stuk tuingrond bij uw woning tegen een heel laag tarief hebt kunnen kopen.

Drempelbedrag

De kosten voor het in behandeling nemen van een aanvraag om planschade bedragen € 300,-. Uw verzoek kan pas in behandeling genomen worden als dit bedrag is betaald. Als u planschade wordt toegekend, dan krijgt u dit bedrag terug. Krijgt u geen planschade, dan krijgt u het drempelbedrag niet terug.

Wanneer wel en wanneer niet?

Een verzoek om planschade kan pas ingediend worden nadat het bestemmingsplan of bijvoorbeeld de ontheffing waarop de schade betrekking heeft, onherroepelijk is. Onherroepelijk betekent dat er geen mogelijkheid meer bestaat om bezwaar of beroep bij de rechtbank of bij de Raad van State aan te tekenen.

Er bestaan nogal wat misverstanden over de toepassing en de achtergrond van het instrument planschade. Stel dat een bestemmingsplan de mogelijkheid biedt een supermarkt op het weiland tegenover uw woning te realiseren. Het vrije uitzicht en de landelijke ligging gaan hiermee verloren. U vindt dat u door de nieuwbouwplannen recht hebt op planschadevergoeding.

Maar zo werkt het planschaderegeling niet. Volgens artikel 6.1 Wro heeft u recht op planschade als schade ontstaat als gevolg van de nadelige wijziging in het planologische regime; de maximaal toelaatbare bouw- en gebruiksmogelijkheden van de percelen. Om te meten of de wijziging van het planologische regime de gebruiksmogelijkheden van gronden in negatieve zin verandert, wordt een vergelijking gemaakt tussen het ‘oude’ en het ‘nieuwe’ planologische regime. Daarbij gaat het niet om de feitelijke situatie, maar om wat planologisch maximaal kón worden gerealiseerd. Het is dus pas duidelijk of er recht is op planschade wanneer de ‘oude’ en ‘nieuwe’ planologische situatie naast elkaar worden gelegd.

In ons voorbeeld wordt in de nieuwe situatie mogelijk gemaakt dat een supermarkt op een weiland wordt gerealiseerd. Stel dat het oude bestemmingsplan “agrarisch gebied” en zodoende geen enkele bouwmogelijkheid aangaf, dan is sprake van een nadelige wijziging en is er mogelijk recht op schadevergoeding. Maar gaf het oude bestemmingsplan bijvoorbeeld de bestemming “detaihandel” aan, dan is er waarschijnlijk géén sprake van een nadelige wijziging. Ondanks dat de woonomgeving er op achteruit gaat. En dat is de essentie van het instrument planschade: niet de feitelijke situatie, maar de planologische situatie is van belang.

Verjaring

Sinds 1 september 2005 is het wettelijk geregeld dat planschade verjaart. Dit betekent dat u binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van een planologische maatregel, uw verzoek om planschade bij de gemeente moet indienen. Na deze periode van vijf jaar vervalt het recht om planschade te claimen.

Hoe kan ik het aanvragen?

Zodra u het drempelbedrag heeft betaald, vraagt het college van burgemeester en wethouders advies bij een onafhankelijk adviesbureau over uw aanvraag. In de procedureverordening staat de verdere procedure beschreven. Een planschadeprocedure duurt gemiddeld een jaar tot anderhalf jaar. Als u het niet eens bent met het uiteindelijke besluit, kunt u bezwaar en eventueel (hoger) beroep aantekenen. Als u planschade wordt toegekend, dan krijg u een rentevergoeding over het planschadebedrag vanaf het moment dat u de aanvraag hebt ingediend, tot het moment van uitbetalen.